De aardappel in België

De aardappelsector is een kleine, maar dynamische sector in België.

Niet alleen scoort de Belgische consument nog steeds hoog in de consumptie van aardappelen en is de friet een Belgische uitvinding, maar bovendien heeft de aardappelverwerkende industrie zich in ons land vanaf de jaren ’80 ontwikkeld tot een belangrijke economische factor. Op vandaag bekleedt de Belgische aardappelverwerking – overwegend bestaande uit familiale ondernemingen – de derde plaats op de wereldranglijst van exporteurs van aardappelproducten. Daarbij groeide de jaarlijkse productie van diepgevroren en gekoelde frietjes, puree, chips, vlokken en granulaten van 500.000 tot meer dan 2 miljoen ton (uitgedrukt in verse aardappelen).

Het Internationaal Jaar van de Aardappel 2008 > De aardappel in België Deze groei compenseerde de lichte daling aan het verbruik en de export van verse aardappelen en bood nieuwe kansen voor landbouwers en handelaars.

In tegenstelling tot tal van andere landbouwproducten kent de aardappelsector in Europa geen steunmaatregelen of quota in het kader van een Europese marktregeling. Deze vrije markt van vraag en aanbod verzekert de consument een kwaliteitsproduct dat geteeld en verwerkt is zonder overheidsinterventies.
Deze vrije markt én het feit dat de aardappel onderhevig is aan factoren als klimaat, resulteren in een soms grillige grafiek wat aardappelareaal en prijzen betreft.

De aardappelmarkt heeft zich de voorbije decennia ook in België sterk geprofessionaliseerd. Zo spreken we niet meer over de “aardappelprijs”, maar over de contractprijzen en de prijs op de vrije markt van aardappelen met bestemming industrie (meestal bintje) of chipsproductie (zoals Saturna of Lady Rosetta) en aardappelen voor de versmarkt (andere variëteiten als Nicola, Charlotte, Franceline of andere). Daarnaast zijn er ook specialiteiten als Vitelotte (paarse aardappelen) of Corne de Gatte of Ratte.

Het Internationaal Jaar van de Aardappel 2008 > De aardappel in België Tenslotte worden in het voorjaar ook primeuraardappelen aangeboden, afkomstig uit het Middellandse Zeegebied (maart – juni) of uit eigen land (juli – augustus).

Al deze aardappelvariëteiten hebben een eigen prijsvorming (in teeltcontract of op de vrije markt), die zich vertaalt in verwerkte of al dan niet gewassen, gesorteerde en verpakte producten in de winkelrekken of bij de teler.
Bekijk hier enkele statistische gegevens (.PDF, 300 KB)



Aardappelen blijven de maaltijdbegeleider bij uitstek.

Aardappelen en aardappelproducten blijven de populairste maaltijdbegeleider, op afstand gevolgd door pasta en rijst. Op een gemiddelde dag in de eerste 3 maanden van 2007 at 63% van de Belgen tussen 3 en 100 jaar aardappelen of aardappelproducten. Het gaat hierbij in de eerste plaats om gekookte aardappelen. Daarna volgen friet en puree. De Belg eet zijn aardappelen vooral thuis (75% van de maaltijden).

De laatste jaren kent dit thuisverbruik van verse aardappelen een stabiele evolutie, het thuisverbruik van verwerkte aardappelen (zowel vers als diepvries) stijgt.



Totale Belgische voedingsconsumptie

Aardappelen koploper binnen de maaltijdbegeleiders.

Op een gemiddelde dag in de eerste 3 maanden van 2007 at 63% van de Belgen verse aardappelen of aardappelproducten, 20% at pasta en 8% rijst. Dat blijkt uit een onderzoek van InSites in opdracht van VLAM. Ondanks de heersende trends blijven aardappelen dus nog steeds de maaltijdbegeleider bij uitstek.

De aardappelen en de aardappelproducten werden in verhouding meer gegeten door 65-plussers, in Vlaanderen en door de lagere sociale klasse. Pasta scoort daarentegen in verhouding beter bij de 19- tot 40-jarigen, in Wallonië, in de 5 grote agglomeraties (Brussel, Antwerpen, Gent, Luik, Charleroi) en bij de hogere sociale klasse.

Het Internationaal Jaar van de Aardappel 2008 > De aardappel in België

Gekookte aardappelen blijven nog steeds de meest gebruikte aardappelbereiding. Op een gemiddelde dag at 29% van de Belgen gekookte aardappelen, 13% at frieten, 11% puree, 5% gebakken aardappelen...

Thuis is dé plaats om aardappelen te eten.

Ondanks de trend naar buitenhuisverbruik, worden de meeste maaltijden nog steeds thuis gegeten. Ook voor de maaltijden met aardappelen en aardappelproducten is dit zo, nl. 75% van de maaltijden. Andere consumptieplaatsen van maaltijden met aardappel(product)en zijn op het werk of op school (8%), op restaurant (6%) en bij familie of vrienden (5%).

Wanneer we “thuisverbruik” definiëren op basis van de aankoopplaats (thuisverbruik = supermarkten, groente- en fruitwinkels, rechtstreeks bij de producent...), dan heeft dit thuisverbruik een aandeel van 81% binnen de maaltijden met aardappel(product)en, tegenover 13% voor buitenhuisverbruik en 7% voor afhaalmaaltijden. In wat volgt, gaan we meer in detail in op dit thuisverbruik, op basis van de cijfers die het marktonderzoekbureau GfK vergaart op basis van hun consumentenpanel van 3.000 Belgische huishoudens.



Thuisverbruik

Aangekocht volume verse aardappelen stabiliseert zich de laatste jaren.

Het thuisverbruik van verse aardappelen ging er de afgelopen 50 jaar fors op achteruit. Dit is o.a. toe te schrijven aan de stijgende welvaart, de verminderde energiebehoefte en de verdere groei van alternatieven (in de eerste plaats pasta), van kant-en-klare maaltijden, van het buitenhuisverbruik en van snelle, gezonde en trendy gerechten. Vooral in dit laatste soort gerechten worden verse aardappelen vaak over het hoofd gezien. Aardappelen worden immers vaak gekoppeld aan traditionele maaltijden. De aardappelcampagne van VLAM, met o.a. de website aardappel.be, probeert hierin verandering te brengen. Deze perceptie is trouwens de laatste jaren ondertussen ietwat verbeterd. De laatste jaren noteren we een stabilisatie van het thuisverbruik van verse aardappelen. In 2006 was er wel een dipje door een lager verbruik tijdens de warme maand juli. De cijfers van de eerste 3 kwartalen van 2007 wijzen er alvast op dat het thuisverbruik in 2007 opnieuw hoger zal liggen.

Het Internationaal Jaar van de Aardappel 2008 > De aardappel in België